Verse doperwten worden onrijp geoogst en daardoor smaken ze lekker zoet. De suiker in de erwt is dan nog niet omgezet in zetmeel. Je kunt ze klassiek serveren met gekookte bospeen.

Maar met een klontje boter en eventueel wat blokjes ham zijn doperwtjes ook erg lekker. Of combineer ze met sugarsnaps, peultjes of groene aspergepuntjes. Maak er ook eens doperwtensoep van, afgemaakt met witte wijn en crème fraîche. Of verwerk doperwten in een lekkere pastasaus, risotto of omelet. In een salade zijn ze ook erg lekker! Kook ze en verwerk ze afgekoeld in een salade met bijvoorbeeld bosui, munt en olijfolie.

De kooktijd van doperwten is 5-10 minuten. Als de erwtjes te hard koken, springen ze open. Hele jonge en kleine erwtjes zijn soms in 5 minuten al gaar. Doperwten stomen duurt 5-8 minuten en smoren ook.

 

Verse doperwten hebben één nadeel: je moet ze nog uit hun peulen halen, oftewel doppen. Hoewel dat werkje enige tijd kan vergen is het gelukkig niet bijzonder lastig. Het beste gaat het in deze vier stapjes:

  1. Knak of breek het kontje van de peul eraf (de kant waar het steeltje zit). Dat kan overigens ook prima met een mesje.
  2. Trek de naad in het midden van de peul
  3. Vouw de twee helften voorzichtig open, bijvoorbeeld door beide duimen aan weerszijden te zetten en open te duwen
  4. Haal de doperwten uit de peul door simpelweg met de vinger langs de onderkant van de peul te gaan.

Eventuele lelijke exemplaren verwijderen, even afspoelen onder koud water en je kunt ze verder bereiden.

Het is trouwens gelukkig niet nodig om de erwten dubbel te doppen, zoals dat met bijvoorbeeld tuinbonen wel aan te raden is. Het velletje van de erwt is namelijk zo dun en zacht dat je het zonder enig bezwaar kunt opeten.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *